50 g. boter
4 ansjovisfilets
6 stronkjes witlof
2 theelepels verse tijmblaadjes
4 plakjes bladerdeeg
200 g. dun gesneden parmaham
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 200°C.
Verhit de boter met de ansjovisfilets in een pannetje. Roer
met de garde zodat de ansjovisfilets oplossen in de boter. Haal
het van het vuur.
Wikkel elk stronkje witlof in aluminiumfolie en gaar 20 minuten
in de oven.
Haal de stronkjes witlof uit de folie, laat even afkoelen en
snijd in de lengte doormidden. Verwijder de harde kern.
Smeer 4 bakvormpjes van 10 cm. Ø in met de ansjovisboter
en strooi de helft van de tijm erover heen. Leg in elk vormpje
3 helften witlof met de snijkanten naar boven.
Steek uit de bladerdeeg rondjes van 11 cm. Ø en prik
er met een vork gaatjes in.
Leg de rondjes bladerdeeg op de vormpjes en druk de randen om
de vormpjes heen.
Bak de witloftaartjes in 12 minuten bruin en gaar. Keer de taartjes
om, zodat het bladerdeeg de boden van de taartjes vormt. Beleg
met de plakjes parmaham en bestrooi met de overige blaadjes
verse tijm.