Bavarois van marsepein met mini
lange vingers en warme appel-abrikozen compote
Ingrediënten:
Charlotte de pâté d'amandes et sa compote
de pommes, fruits et abricots
(6 personen).
Ingrediënten voor de bavarois:
1 vanillestokje
8 g. gelatine (5 blaadjes)
100 g. witte marsepein
3 dl. melk
1½ dl. slagroom
Ingrediënten voor de lange vingers:
2 eieren
40 g. suiker
50 g. bloem
50 g. fijne tafelsuiker
Ingrediënten voor de compote:
1 citroen
1 vanillestokje
75 g. suiker
1 dl. water
100 g. gedroogde appeltjes
100 g. gedroogde abrikozen
Ingrediënten voor de garnering (Karamelkooitjes):
150 g. witte basterdsuiker
olie
4 smalle linten voor het opbinden van de carlotte
8 aardbeien
blauwe bessen
munt
Bereiding:
Maak eerst de bavarois:
Snijd het vanillestokje in de lengte open, week de gelatine
in koud water en snijd de marsepein in stukjes.
Breng de melk met het vanillestokje en de marsepein aan de kook.
Blijf roeren tot de marsepein is opgelost en laat de melk 10
minuten zachtjes trekken.
Neem de pan van het vuur, voeg de uitgeknepen gelatineblaadjes
toe en roer tot de gelatineblaadjes volledig zijn opgelost.
Giet de warme marsepein-melk door een zeef in een kom en laat
hem afkoelen.
Klop de slagroom half stijf.
Spatel de room met kleine hoeveelheden tegelijk zo luchtig mogelijk
door het afgekoelde marsepeinmengsel en verdeel de massa over
4 bakjes.
Zet de vormpjes in de koelkast om de bavarois te laten opstijven.
Lange vingers:
Splits de eieren.
Klop de dooiers met de helft van de suiker tot een dikke, bleke
crème.
Klop de eiwitten stijf met de rest van de suiker.
Schep het dooiermengsel door het eiwitschuim en spatel er vervolgens
snel en luchtig de gezeefde bloem door.
Schep het alom verkregen beslag in een spuitzak voorzien van
een gladde spuitzakmond en spuit het beslag in korte smalle
staafjes op een met bakpapier beklede bakplaat.
Bestrooi de koekjes met fijne tafelsuiker en bak ze ca. 20 minuten
in een op 160° C voorverwarmde oven tot ze lichtbruin en
gaar zijn.
Laat de koekjes uitdampen en afkoelen op een rooster.
Maak nu de appel-abrikozen compote:
Pers de citroen uit en snijd het vanillestokje in de lengte
doormidden.
Breng het water met het citroensap, het vanillestokje en de
suiker aan de kook en laat de vloeistof ca. 20 minuten zachtjes
trekken.
Verwijder dan het vanillestokje, voeg de gedroogde vruchten
toe en laat de vruchten ca. 20 minuten op een laag vuur wellen.
Draai het vuur daarna uit.
Karamelkooitjes:
Doe de basterdsuiker in een steelpan met een dikke bodem en
laat de suiker al roerende smelten en bruin kleuren.
Bestrijk intussen de bolle kant van een soepopscheplepel met
een heel dun laagje olie.
Dompel een vork in de vloeibare karamel en beweeg de vork snel
heen en weer boven de ingevette lepel, en wel zodanig dat op
de bolle kant van de lepel een netwerk van dunne karameldraden
ontstaat.
Herhaal dit nog een of twee keer tot een klein "kooitje"
van gesponnen karamel verkregen is. Laat het kooitje dan even
drogen en haal het voorzichtig van de lepel.
Maak op dezelfde wijze nog drie karamelkooitjes.
Stort de marsepeinpuddinkjes op gekoelde borden.
Bekleed de puddinkjes rondom met de lange vingers en bind het
geheel bijeen met een stukje lint.
Warm de appel-abrikozen compote snel op.
Schep op elk bordje een bergje warme compote en zet de karamelkooitjes
op of naast de compote.
Garneer het geheel met aardbeien, blauwe bessen en een toefje
munt.
Serveer direct.